Westerkerk, 29 maart 2015

Westerkerk, 29 maart 2015

In regen en wind waren we erheen gefietst. Sind Blitze, sind Donner, zong het koor; de storm beukte om het schip. De Westerkerk werd die zondagmiddag een zware boei, dicht en duister.

Bij het Erbarme dich ging er iets open. De jonge alt nam haar plaats in voor de eerste violist, die de tonen inzette, hoog en ijl. Een viool klinkt altijd ranker, vluchtiger en toch ook zelfverzekerder wanneer de muziek niet uit de radio komt maar direct uit de klankkast. Een enkele instrumentalist, zonder technische ruis, wordt ineens het middelpunt van de Bach-beleving.

We zaten aan de zijkant, achter het orkest, en keken de eerste viool op de rug. De alt keek naar de kerk, weg van ons en weg van de violist. De zangers stonden op het podium als Jezus op het balkon van Pontius Pilatus. Ecce Homo.

De elleboog van de violist ging naar rechts en omhoog, een smalle bovenarm in het zwart. Met de knikjes van zijn hoofd golfde het donkere haar over zijn kraag. Op de slagen in het haar golfde de violist zelf mee, voor de alt de weg bereidend. De elleboog wuifde regelmatig opzij, als een palmtak, uitdagend, al bleef de alt buiten bereik. De wind had binnen in de kerk geen vat op haar lange jurk, die niet het geringste beetje in zijn richting ruiste. Met stil gewaad en rechte rug bleef de soliste voor de kerk staan, sterk, zeker van de bodem onder haar stem. Schaue hier, zong ze, en daar golfde het haar van de violist weer. Inmiddels wezen ook zijn knie en de punt van zijn schoen opzij.

En toen klonk de laatste noot, lang, stollend in de storm. De strijkstok liet de snaren los en bleef erboven hangen, als handen in de lucht na een dans, als de oogopslag na een kus. De zwarte jurk had zich al zijwaarts gekeerd en liep weg, nog voordat de strijker zich helemaal van de aria had losgemaakt. Deze passie zou niet goed aflopen, dat wist de violist natuurlijk ook wel, al is het op palmpasen altijd een poging waard.

Het evenwicht herstelde zich. Gebt mir meinen Jesum wieder, eiste de bas, overigens tevens vader van de alt, zo lazen we in het programmaboekje. Een poosje later gebood hij: Mache dich, mein Herze, rein, met de rug al even recht. En de violist? Die vervolgde zijn werk. Nog altijd toegewijd, maar met de voeten gekruist onder de stoel.

Concert: Cantatrix, Concerto d’Amsterdam, Roder Jongenskoor
J.S. Bach, Matthäus Passion, Westerkerk, Amsterdam, 29 maart 2015

Lees meer artikelen bij Pasen 2015
Goede Vrijdag: De passie van de eerste violist >>
Stille Zaterdag: Olifantje in Leipzig: die Müh ist aus >>