Jonas Daniël Meijerplein

Jonas Daniël Meijerplein: razzia (februari 1941); De Dokwerker voor de Portugese Synagoge, rechts op de achtergrond de parkeerplaatsen en, aan de overkant van de gracht, de Hortus (mei 2015)

Als fietser in Amsterdam probeer je zo snel mogelijk van A naar B te komen. Je slalomt en ontwijkt. Een kuierend tweetal voor je dwingt je duim naar de bel, een brug die openstaat ontlokt je een tongklak van ergernis. Alles wat je vaart doet minderen is per definitie een obstakel.

Vanuit uit het Oostelijk Havengebied fiets ik bijna dagelijks door de Plantagebuurt. Tot aan de Nieuwe Herengracht gaat het soepel, maar bij de Weesperstraat doemt het eerste obstakel op. Deze drukke weg, de dikke darm van de Wibautstraat, is ter hoogte van de Nieuwe Herengracht niet met goed fatsoen over te steken. Voor een fietser is de snelste en eenvoudigste route een illegaal parcours: oversteken ter hoogte van de Plantage Middenlaan, links afslaan op de Hortusbrug en dan langs de Hortus over de stoep. De naam van de stoep drukt de fietser met sardonisch genoegen met de neus op de feiten: Doctor D.M. Sluyspad. Een deftig pad. Zonder fiets dus. Dit mag niet. Dus wat doe je als fietser? Blik op oneindig, in het plantsoentje vermijd je oogcontact met voetgangers en uitgelaten honden, en daar gloort gelukkig al het tunneltje naast de Hermitage, waar je zo heerlijk doorheen zoeft, geheel legaal, onder de Weesperstraat door. Voilà, obstakel overwonnen.

Brug open

Als bij de Hortus de rood-witte slagbomen naar beneden zijn heeft de fietser een probleem: de brug staat open. Links afslaan lukt niet. Je kunt afstappen en wachten, maar daar heb je als fietser natuurlijk geen geduld voor. Met een beetje geluk is de volgende brug alweer dicht, of nog net niet open. Rechtdoor dus maar, over de Nieuwe Herengracht. En dan komt altijd dat oh-ja-moment.

Op de hoek ligt coffeeshop De Overkant er nog optimistisch bij. Maar dan buigt de weg een beetje naar rechts, sterk genoeg om je vanaf de Hortusbrug het zicht op wat erachter ligt te hebben ontnomen. In de bocht zie je het: je fietst op een aaneengesloten rij parkeerplaatsen af, met daarachter een stoeprand. Nergens een opritje. Als je pech hebt zijn alle parkeerplaatsen vol en moet je uitwijken naar de randen, langs het water of langs de huizen. Afstappen geboden, want de stoeprand is net te hoog. Dit is zo’n obstakel waar je als fietser niet goed van wordt, zeker niet als je net al werd belemmerd door een openstaande brug: het Jonas Daniël Meijerplein.

Taartpunt

De kwalificatie ‘plein’ heb ik nooit goed begrepen. Het Jonas Daniël Meijerplein is een taartpunt, ingeklemd tussen het water van de Nieuwe Herengracht, de Weesperstraat, als dikke darm van de Wibautstraat, en de Portugese Synagoge. De punt wijst naar het Waterlooplein, of liever, naar het Meester Visserplein, een drukke rotonde. Een plein achter een plein achter een plein, dat helpt ook al niet.

De dikke darm klieft het Joods Historisch Museum en de Portugese Synagoge. Als om je een speurtocht te bieden geeft het Joods Historisch Museum je altijd twee toegangskaartjes: eentje voor het museum en eentje voor de synagoge. De toerist die de weg weet te vinden krijgt vast een sticker. In deze wrede oversteek is de taartpunt een toevluchtsoord, maar die moet je dan eerst op je radar zien te krijgen. Mij is het nog nooit gelukt om zowel museum als synagoge te bezoeken, en dat lag niet alleen aan de tijd.

De taartpunt lijkt op een uit de hand gelopen groenstrook. Kiezels, een bomenrij. De vage notie van een standbeeld in de verte. Het verkeer in de dikke darm ontneemt je alle mogelijke ontspanning, maar houdt je wel bij de les: de brug blijkt nog dicht. Mooi. Je blijft links fietsen, op de stoep, nogmaals linksaf, nog steeds op de stoep, en dan rechtsaf, zoef, alsnog de tunnel bij de Hermitage in. Opgelucht dat je de fuik uit hebt kunnen zwemmen.

Razzia’s 1941

In de Tweede Wereldoorlog werd er op het plein een foto genomen die een icoon is geworden van de Jodenvervolging in Amsterdam. Op 22 en 23 februari 1941 werden in deze buurt razzia’s gehouden. Meer dan vierhonderd joodse mannen werden opgepakt en via interneringskamp Schoorl naar Duitse kampen afgevoerd; vrijwel niemand overleefde. Op de bekende foto van een van deze razzia’s zien we joden die op het Jonas Daniël Meijerplein bijeen zijn gedreven.

De dochter van een van hen herkende haar vader op de foto en schonk brieven en familiefoto’s aan het Joods Historisch Museum. Een paar jaar geleden toonde het museum in de Hollandsche Schouwburg het verhaal van deze man, Meier Vieijra, geboren in 1918. Vieijra was kleermaker en trouwde in 1939. Anderhalf jaar later wordt hij op de foto gezet in een rij met andere joden. De handen omhoog, een bleek gezicht, de mond een beetje open, de blik gespannen. Zou hij zijn eigen jas ook hebben versteld? De jassen lijken nu veel te groot voor de gehurkte en knielende mannen; ze hangen als een deken over het lichaam, sommige tot op de grond. Voor de rij staat een Duitse soldaat.

Het beeld legt een tussenmoment vast, een vacuüm in de tijd. Het oude leven, het leven zoals ze het kenden, is voor deze mannen voorbij. Het nieuwe leven wordt geen leven en zal niet lang duren. Vieijra sterft in Mauthausen, zeven maanden nadat de foto is gemaakt.

In een naschrift liet het Joods Historisch Museum weten dat na de media-aandacht voor de tentoonstelling zich andere families meldden die een familielid herkenden in dezelfde persoon. De man wordt daarmee opnieuw een raadsel; de foto blijft een mythe. We moeten genoegen nemen met verbeeldingskracht.

Monument

Op het Jonas Daniël Meijerplein herinnert De Dokwerker aan de februaristaking, een protest na de razzia’s. Robuust en fier, maar ver genoeg van de verkeersdrukte en diep genoeg in de taartpunt om niet de aandacht van elke voorbijganger op zich te vestigen. Een paar dagen geleden stapte ik af, zette mijn fiets tegen de brug en wandelde de taartpunt in. Bij De Dokwerker lagen bloemen. Achter mij raasde de dikke darm; links tolde de spijsvertering over de rotonde.

Een monument associeer je met stilte, hooguit met fluitende vogels in mei. Op het Jonas Daniël Meijerplein is de fuik toch de meest toepasselijke gewaarwording. Al wil je er slechts overheen fietsen om de volgende brug te halen.

Lees meer artikelen bij 4 en 5 mei
Bekijk het complete overzicht >>