De ranglijst van 2013

Onzorgvuldigste taalgebruik

In de categorie ‘zich beseffen’ horen we nu steeds vaker de toevoeging ‘letterlijk’ om een beschreven gebeurtenis kracht bij te zetten. Voorbeelden komen voor in diverse categorieën:
a) werkwoorden die figuurlijk kunnen worden gebruikt maar in de geboden context alleen letterlijk betekenis hebben, waardoor de toevoeging [letterlijk] overbodig wordt: In dat filmpje zie je hoe de levende angorakonijnen letterlijk worden kaalgeplukt om hun vacht. De NOS wil met de toevoeging [letterlijk] ongeloof en verbijstering uitdrukken, maar die toevoeging is onnodig en verwarrend. Het is immers juist de letterlijke zegswijze (van vacht/veren ontdoen) die tot een figuurlijke heeft geleid (oplichten, geen cent overlaten). En konijnen kun je nu eenmaal niet financieel benadelen want ze hebben geen bankrekening.
b) werkwoorden die helemaal geen overdrachtelijke betekenis kunnen hebben, waardoor de toevoeging [letterlijk] onzinnig wordt: ‘Ze hadden letterlijk een gat gegraven!’
c) nog erger is het wanneer [letterlijk] wordt toegevoegd aan zegswijzen die in de context juist alleen in overdrachtelijke zin bestaan: ‘Een letterlijk meeslepende roman’ (Trouw volgens uitgeverij Cossee). Nou jongens, houd je goed vast als je dat boek openslaat…

Fraaiste ironie

Ik kreeg een red-de-bij-sticker (Greenpeace) van vriendin R, die kort daarna met haar kat bij de dierenarts zat omdat het beest een hommel had ingeslikt. Kosten: paar honderd euro. De kat leeft nog; de hommel had bij het prikken al het leven gelaten. (juli)

Meest cryptische voorzetselgebruik

1) Verhuizer 1 (uit het raam roepend): ‘Zet je ‘m erbovenop?’
Verhuizer 2 (buiten, bij de verhuislift): ‘Ja! Ertegenaan!’
Verhuizer 1: ‘OK!’
Verhuizer 2: ‘Ja, dan schuif ik ‘m ertussen!’
(juli)
2) Titelwijziging: het boek Autisme op school wordt Autisme in school (januari). Behalve tot verkeerd taalgebruik leidt de naamwijziging tot verwarring bij de klant: hij bestelt ‘in school’, krijgt ‘op school’, op de factuur staat dan weer ‘in school’ en als hij een recensie leest is het vaak weer ‘op school’. Nog erger werd het toen ik op een congres stond, met op de poster achter de stand ‘in school’, het boek, in stapels op tafel, ‘op school’ en een bordje pal naast de boekenstapels vermeldde ‘in school’ (en ik daar vrolijk lachend naast). Analoog aan een kwestie officiële voornaam versus roepnaam kreeg ik het gênante gevoel dat men wel moest menen dat ‘die knuppels hun eigen boektitels niet kunnen spellen’. Om de verwarring compleet te maken stuurde ik een interne mail over de titelaanpassing met het onderwerp ‘Van op naar in school’. Inmiddels heet het boek in de wandelgangen ‘Autisme tussen de klas’.

Grappigste aanhef

‘Beste Nakie’ – vormgever bij 32 graden Celsius (augustus). Ze verzekerde me ervan dat het een typefout betrof.

Mooiste woord

1) Mongolenwaaier. Vrienden bezigen wielerjargon in het dagelijks leven (juli).
2) Bijpulpen. Collega verheugt zich op de feestdagen met Jo Nesbø-thrillers (december).

Beste wijn

1) Tetramythos, retsina (september). Herkomst: Achaΐa, Peloponnesos, Griekenland. Heeft niets met onze interpretatie van retsina te maken. Vriend P sprak: ‘dennenbos na een frisse lentebui’. Klinkt dweperig maar smaakt echt zo. Meesterlijk.
2) Stübinger, Live Act, Riesling Kabinett, 2012 (augustus). Herkomst: Leinsweiler, Rheinland-Pfalz, Duitsland. Nog zo’n verrassing: waarom leren wij toch dat Riesling witte bocht is die onderin het supermarktschap ligt?
3) Hartenberg, shiraz, 2008 (november). Herkomst: Stellenbosch, West-Kaap, Zuid-Afrika. Donkerpaars; pruimengeur; peperige smaak met zwemen van rook en chocolade. Shiraz zoals shiraz bedoeld is, voor zware winternachten. Ultieme kerstwijn.
4) Niet de beste wijn, wel de beste wijntip: Grüner Veltliner, uit Oostenrijk. Deze citrusfrisse wijn duikt ineens overal op, van slijter tot Hema tot bioscoop Eye.

Beste tentoonstelling

1) Het heropende Rijksmuseum (april). Gouden Eeuw in modern doch stijlvol gerenoveerde zalen (grijs is het nieuwe wit). En iedereen zo aardig en behulpzaam, van kaartjesscanner tot zaalwacht. Eindelijk het gevoel dat de mensheid een langere-termijn-inzicht heeft; een collectief besef dat er waarde aan de muur hangt en dat het gebouw zelf ook van waarde is, en dat alles samen zorg en esthetiek verdient.
2) De Dode Zeerollen, Drents Museum, Assen (september). Breekbaar perkament uitgelicht in kastjes en ingebed in een tentoonstelling met tijdlijnen en aardewerk. Advies: ga met een Jodin die ter plekke stukjes kan vertalen.

Grootste inzicht

Feitelijk is de mondiale economie een gigantisch psychologisch experiment waarbij mensen moeten reageren op steeds veranderende getallen. – Arnon Grunberg, de Volkskrant (februari).

Fraaiste titel

‘Herpes zoster en het bedreigde oog’ – geliefde S presenteert als coassistent over de gevaren van gordelroos in het gezicht (februari). Het klinkt meer als Suske en Wiske.

Onbegrijpelijkste kul

‘Dat komt omdat het kabinet van mening is dat de geschiedenis loopt zoals de geschiedenis loopt.’ – premier Rutte poogt uit te leggen waarom excuses voor de politionele acties onnodig zijn (augustus).

grappigste naam in beroep

Ene mevrouw Van de Ketterij, werkzaam bij het Reformatorisch Dagblad (januari).

Vaagste bureaucratische taalgebruik (ook bekend als taalverneveling)

1) Kennisgeving van ‘ambtshalve vermindering gecombineerde aanslag 2013’, afgehandeld door ‘gegevensbeheer personen’. De brief onder dit onderwerp werd er niet veel duidelijker op. Het kwam erop neer dat we waren verhuisd en daarom geld terugkregen.
2) ‘Object volgt na bebording.’ – vriend en ingenieur T legt uit wanneer een parkeerplek wel of niet is voorbehouden aan invaliden.

Beste grap

LuckyTV, nagesynchroniseerde filmpjes over ‘Willy en Max’. Het koningshuis in één klap gereduceerd tot gênant volksvermaak. Ook taalkundig inspirerend, met de veringisering van het werkwoord: ‘Het gaat erom wat wij vertegenwoordiging’, ‘Mag ik hier zitting?’, ‘Willy, die kar staat te wachting!’, inclusief hypercorrectie: ‘Je schrikt [sic] die paarding!’ Het Maximaal Nederlands is een feit.

Mooiste anekdote

Collega was vroeger toen ze klein was zo zenuwachtig voor haar verjaardag dat ze op het einde van die dag altijd moest overgeven.

Diepste zieleroerselen

‘Dan zat er zo’n onmondige peuter op een fietsje, en z’n moeder was net om de hoek van de straat verdwenen, en dan dacht ik: ja, kindje, als ik je nu gewoon keihard van je fietsje trap, kan ik tegen je aansnellende moeder beweren, in grote ontsteltenis, dat je zómaar omviel, en dan komt niemand er ooit achter dat ik dat gewoon heb gedaan.’ – vriendin herinnert zich met sardonisch genoegen een jeugdtafereel (maart). Overigens liet jaren geleden vriend Y zich met een grijns iets soortgelijks ontvallen over de Uilenstedepoes, die in een open ruimte midden in het schootsveld van Y’s rechterbeen argeloos stond te dralen.

Onbegrijpelijkste onderhandeling

Bij de kassa van de H&M wijs ik op een gat in een Noorse trui (geproduceerd in China, en met 7% angorawol, u voelt de zieligekonijntjesbui dus al hangen) (december). Ik probeer af te dingen op de oorspronkelijke verkoopprijs van € 29,95. Kassameisje overlegt met ander kassameisje.
Kassameisje: ‘Kunt u dit zelf repareren?’
Ik: ‘Ja, ik denk het wel, maar misschien blijf je wel iets van het gat zien.’
Kassameisje: ‘Zeven euro korting kan ik u geven.’
Ik: ‘Hmm, wat dacht je van tien euro korting?’
Kassameisje: ‘Nee, dat kan niet. Dan wordt het vijftig. Vijftig procent korting.’
[Kassameisje kijkt me vragend aan]
Ik: ‘Nou, prima!’
[Ik reken sprakeloos doch tevreden € 14,98 af]

Beste foto

Portret van vriendin I in een zomerjurk te midden van de graanoogst in de Reiderwolderpolder (augustus). Onvervalste kolchozenpin-up.

Slechtste horecagelegenheid

1) Naamloze keet op Plein, Den Haag (mei). Mijn vraag naar taart werd tot twee keer toe weggewuifd met een ‘ja, komt straks’; na het serveren van de koffie en thee begon de uitbater alleen over soep, tosti’s en broodjes. De keet bleek verstoken van prijslijst; de uitbater sommeerde de gasten aan een tafeltje naast ons op te hoepelen toen ze op de prijslijst hamerden. Geen pin, geen prijslijst en wie dat niet zint, kan weggaan – onze naburige gasten besloten de politie te bellen.
2) Niet slecht, wel sfeerloos: Gasterij Smits, Midwolda (augustus). Gelukkig konden we er na het eten bowlen.

Ergste tentoonstelling

Mike Kelley, Stedelijk Museum, Amsterdam (januari). Deze kunstenaar, geroemd als een van de invloedrijkste kunstenaars van onze dagen, pleegde zelfmoord in 2012. Maakte conceptuele kunst over jeugdtrauma’s die op latere leeftijd via het onderbewustzijn tot psychische problemen leiden. De expositie bestond uit een wirwar van beklemming: aan elkaar genaaide knuffelbeesten, tv’s met horizontaal door het scherm lopend testbeeld afgewisseld met filmpjes van schrikkende kinderen, composities op de vloer met luidsprekers waaruit vervormde kinderliedjes en dierengeluiden opklinken, flessen waarvan de rand trilt op het ritme van menselijk gegil. In elke zaal was wel een ondraaglijk geluid gaande.

Ongeloofwaardigste bestaansvorm

1. Blindengeleidepony’s. Ja, pony’s!
2. Uitgeverij Akasha. Geven in alle ernst titels uit als:
Heel je energie met kristallen schedels
Als het negatieve je pad kruist – Wat dan?
Help! De kerktoren geeft straling.

Prettigste schuttingtaal

1) ‘Show’s over, bitches.’ – vriendin I slaat vanaf de tribune gade hoe het podium wordt afgebroken en de ArenA wordt schoongeveegd na een concert van Robbie Williams (juli).
2) ‘Zoek het allemaal uit met je kankerharses.’ – vriend P verwoordt de conclusie van een familielid aangaande het verplichte familiekerstdiner. En daarmee eigenlijk die van half Nederland. (december)

Beste boek (fictie)

Bij uitstek: Michael Kumpfmüller, Die Herrlichkeit des Lebens (2011). In fijnzinnige, grove maar toch intense schetsen beleef je het laatste levensjaar van Franz Kafka en de relatie met zijn laatste liefde, Dora Diamant. Bijzonder: directe citaten zonder aanhalingstekens, die uit de golven van beschrijvende zinnen en gedachten voortvloeien. Zo ontstaat een zuivere mix van feit en fictie, een schrijfstijl die zich niet laat vergelijken met andere historische romans (waarin de auteur soms veel meer ‘aan de haal gaat’ met het verhaal). Met een slag om de arm geeft Kumpfmüller zijn eigen interpretatie van de geschiedenis.

Beste boek (non-fictie)

1) Herman Sandman, De laatste bus naar Slochteren (2013). In deze bundeling columns slaat Sandman de spijker op zijn kop wanneer hij de Oost-Groningse volksaard beschrijft: Het was niks, het is niks, het wordt niks en verbeeld je maar niks.
2) Shlomo Venezia, Inside the gas chambers. Eight months in the Sonderkommando of Auschwitz (2007). Getuigenis in interviewvorm van Joods-Italiaanse Griek uit Thessaloniki. It’s important to write that we had no choice. Those who refused were immediately killed with a bullet through the back of the neck. For the Germans, it was no big deal; if they killed ten, another fifty arrived. For us, we had to survive, get enough to eat… There was no other possibility. Not for anybody. And then, we could no longer reason with our brains and think about what was happening… We’d become robots. These days I often ask myself: what would I have done if they’d forced me to kill in person? What would I have done? I don’t know. Would I have refused, knowing full well that they’d have killed me on the spot?
3) Albert Einstein, Mijn theorie. Over de speciale en algemene relativiteitstheorie (1916). Publieksboek van het genie zelf. Nog geen 150 pagina’s en vooral filosofisch-wetenschappelijk. Toch stierf mijn begrip langzaam weg gedurende de pagina’s, om bij het aanhangsel en de noten geheel dood en begraven te zijn. Toch in de top 3, wegens de duizelingwekkende en helder uitgelegde voorbeelden met spoorbanen, rijdende treinen en klokken: Gebeurtenissen die gelijktijdig zijn ten opzichte van de spoorbaan, zijn niet gelijktijdig ten opzichte van de trein en omgekeerd (relativiteit van de gelijktijdigheid). Ieder referentielichaam (coördinatenstelsel) heeft zijn eigen bepaalde tijd. (…) Voor de komst van de relativiteitstheorie heeft de fysica altijd stilzwijgend aangenomen dat de tijdsaanduiding absoluut is, dat wil zeggen onafhankelijk van de beweging van het referentielichaam. (…) Als de klok beweegt, loopt hij langzamer dan in de toestand van rust. Gezellige materie voor ‘s avonds in bed bij het leeslampje. Volgens geliefde S begon ik te lijken op Onslow uit Keeping up appearances, de asociale zwager van Hyacinth Bucket, die zijn leven bier drinkend en tv kijkend slijt maar in bed natuurkundige boeken over gecondenseerde materie doorwerkt.

Beste speelfilm

Het was een uitermate goed filmjaar, met dank aan de Cinevillepas. Van alle bioscoopuren is dit de top 10:

1) The Broken Circle Breakdown (Felix Van Groeningen) (februari). Twee tegenpolen vinden in de bluegrassmuziek en in elkaar hun grote liefde, maar hun relatie wordt op de proef gesteld wanneer hun kind ziek wordt en sterft. Met een steen op je borst de bioscoopzaal uit.
2) Die Wand (Julian Pölsler) (juli). Verfilming van gelijknamige roman van de Oostenrijkste schrijfster Marlen Haushofer (1920-1970). Vrouw gaat op vakantie naar een berghut en blijkt de volgende ochtend door een glazen muur afgescheiden van de rest van de wereld. Tegen de gekte houdt ze een dagboek bij. Talig en beeldend relaas over eenzaamheid, natuur, dood, angst en de hoop die we nodig hebben om te leven. Zie ook onder ‘beste muziek’.
3) Frances Ha (Noah Baumbach) (juli). Vriendinnenduo worstelt in New York met dertigersdilemma’s. Hoe diepe vriendschap ondanks tijdelijke vervreemding toch weer gehecht wordt.
4) Amour (Michael Haneke) (januari). Gecultiveerd, bejaard echtpaar ervaart hoe het leven een kwelling wordt na een beroerte van de een. De ander verzorgt tot het niet meer gaat. Ontaardt liefde uiteindelijk altijd in lijden?
5) Django Unchained (Quentin Tarantino) (januari). Ode aan de spaghettiwestern en een volbloed Tarantino, dus van dik hout zaagt men planken – veel geweld en geknal, idiote anachronismes, humor, gelikte montage, stampende soundtrack en ondertussen ook nog een creatieve verbeelding van de overtuiging dat leven en dood, vrijheid en slavernij geen absolute waarden zijn maar veeleer een grijs gebied, waarbij het menselijk lot van verlossing dan wel verdoemenis volledig afhangt van de nukken en grillen van onszelf, de mensheid. Zie ook onder ‘beste muziek’.
6) La vie d’Adèle (Abdellatif Kechiche) (december). Middelbare scholiere wordt verliefd op studente aan de kunstacademie. Rauw (zoveel tranen, loopneuzen, snot en expliciete seks zag ik zelden in films) en toch innemend gefilmd drama over een eerste grote liefde.
7) Lore (Cate Shortland) (maart). Drama over oudste dochter uit antisemitisch gezin die na de val van Hitler haar broers en zusje door Duitsland loodst en ondertussen een complexe verhouding begint met een vluchteling met joodse papieren. De blaffende herdershond in de avondschemering brengt je terug naar de onheilspellendste momenten uit je eigen jeugd.
8) Blue Jasmine (Woody Allen) (augustus). Cate Blanchett als bedrogen neurotica weet de hele film op haar schouders te tillen. Op het moment dat ze zeker weet dat haar echtgenoot een ander heeft verkleint de hele wereld zich tot haar handtas: graaien, sorteren, de items vliegen uiteindelijk in het rond. Wat een vondst.
9) Boven is het stil (Nanouk Leopold) (juni). Verfilming van de gelijknamige roman van Gerbrand Bakker uit 2006. Boerendrama op het Noord-Hollands platteland. Stervende vader, zoon die nooit het leven heeft geleid dat hij eigenlijk zou willen. Weinig woorden en toch zo’n compleet verhaal over verleden, heden en toekomst. Contemplatieve rol van de 50-jarige Jeroen Willems, die kort na de opnames stierf aan een hartstilstand.
10) Thérèse Desqueyroux (Claude Miller) (april). Verfilming van gelijknamige roman van Nobelprijswinnaar François Mauriac (1885-1970). Intelligente vrouw op Zuid-Frans platteland trouwt met bourgeoisbuurman. Minder feministisch dan verwacht, maar meeslepend gefilmde benauwende moraal en symptomen van iemand die de grip op het leven verliest en tot een drastische keuze komt, die uiteindelijk nog slechter uitpakt.

Beste documentaire

1) Le dernier des injustes (Claude Lanzmann) (november). Een P.S. van 220 minuten bij Shoah. Lanzmann interviewde Benjamin Murmelstein (1905-1989), het enige overlevende lid van de Joodse Raad van Theresienstadt. Ultralangzame televisie met een intens en ingewikkeld verhaal over collaboratie en slachtofferschap.
2) Cave of Forgotten Dreams (Werner Herzog) (januari). In de grotten van Chauvet in Zuid-Frankrijk werden in 1994 dertigduizend jaar oude schilderingen ontdekt. De 3D-beelden zijn betoverend; door het reliëf van de wanden en de wandeling door de grot is het alsof je zelf op excursie bent. Combinatie van paleontologie, geologie, archeologie, kunst, cultuur en filosofie. Het beeld van de muurschildering van een paard, flakkerend belicht en begeleid door slechts het geluid van een kloppend hart, rijgt de geschiedenis van de mensheid in een enkel beeld aaneen.
3) The imposter (Bart Layton) (april). Fransman geeft zich uit voor Amerikaanse puber en wordt in een gezin opgenomen waar een zoon wordt vermist. Halverwege de film is er een wending in het verhaal waarvan je de nekharen overeind gaan staan. Tot dat moment vind je vooral het Amerikaanse gezin heel dom, erna vind je het onbegrijpelijk hoe je jezelf wellicht zo in de luren hebt laten leggen.
4) Searching for Sugar Man (Malik Bendjelloul) (november). Zanger uit Detroit blijft in de hele wereld onopgemerkt, behalve in Zuid-Afrika, maar dat weet de zanger zelf dan weer niet. Tot alles toch nog bij elkaar komt.
5) De nieuwe wildernis (Mark Verkerk en Ruben Smit) (oktober). Zalvend commentaar over het ‘wiel van het leven’ maar prachtige natuurbeelden van de Oostvaardersplassen, van konikpaarden en heckrunderen tot jagende vossen.

Beste koop

1) Vaatwasser (oktober). Deze Bosch, die we van Griekse vrienden overnamen, doopten we ‘Angela’ (naar Merkel).
2) Concealer (september). Donkere wallen verminder je acuut met de ‘instant light brush-on perfector’.
3) Ice pack wijnkoeler (juli). Geen gedoe met ijsblokjes, je legt dit jasje gewoon in de vriezer. Warme witte wijn is binnen vijf minuten teruggebracht naar de juiste temperatuur.

Beste afgevinkte reisbestemming

Vroeger last ik de boeken van Monica Furlong, die zich afspelen in Cornwall, en bekeek mijn moeder Britse tv-series. Ik zei: als ik later groot ben en zelf geld verdien, gaan wij samen naar Engeland. Dit voorjaar was het zo ver; we vlogen naar Exeter en huurden een cottage in het Dartmoor. Het graafschap Devon is Engeland zoals je het je voorstelt: groene heuvels, muurtjes, schapen, landhuizen en middeleeuwse kerktorens. Eén dag zijn we door het naburige Cornwall gereden, tot Land’s End. Het moment dat we bij Plymouth de rivier overstaken en op Tamar Bridge langs het bord kwamen met de tekst Kernow a’gas dynergh (‘Welkom in Cornwall’) juichten we: missie volbracht. Bij Land’s End beukten de golven in de diepte en werd ik twintig jaar teruggevoerd in de tijd. Staan we hier echt, jij en ik?

Beste mening

‘Absurd en oersaai’ – vriendin R over haar eigen jeugddagboeken (april).

Beste citaat

Deze top 3 is geheel gereserveerd voor Kumpfmüller en Kafka:

1) Es ist Abend, draußen ist es noch hell, man spürt, dass der Winter sich zurückzieht, sie träumen vom Frühling, irgendwelchen Reisen, zu denen es womöglich nie kommen wird, selbst in guten Zeiten nicht, falls das nicht gerade die guten Zeiten sind, und das sind sie ohne Zweifel. – Franz en Dora dromen in Berlijn (Kumpfmüller, Die Herrlichkeits des Lebens).
2) Du lässt dir Zeit, wie man es von dir ja kennt, aber es ist nicht recht, die Leute warten, wie lange, um Himmels willen, willst du die Leute noch warten lassen. – Franz stelt zich voor wat zijn vader van hem als stervende zou vinden (Kumpfmüller, Die Herrlichkeit des Lebens).
3) Es ist sehr gut denkbar, dass die Herrlichkeit des Lebens um jeden und immer in ihrer ganzen Fülle bereit liegt, aber verhängt, in der Tiefe, unsichtbar, sehr weit. Aber sie liegt dort, nicht feindselig, nicht widerwillig, nicht taub. Ruft man sie mit dem richtigen Wort, beim richtigen Namen, dann kommt sie. Das ist das Wesen der Zauberei, die nicht schafft, sondern ruft. – Franz Kafka, Die Tagebücher III, 18 oktober 1921, motto van het boek van Kumpfmüller. Waarom leren we niet dat Kafka ook zo betoverend over het leven kon denken?

Beste muziek

1) Schubert, Winterreise. Cadeau van vriend E; baritonsolo’s begeleid door piano (november). Winterreis die symbool staat voor een zielereis.
2) J.S. Bach, Sonatas and partitas for solo violin. Vioolklanken die in de film Die Wand door merg en been gaan (juli).
3) John Legend, Who did that to you? (soundtrack Django Unchained) (januari). Anachronism is my middle name, moet Tarantino hebben gedacht. In die categorie ook de hiphopsound vermengd met de charleston in de verfilming van The great Gatsby (mei). Briljante mix.
4) Racoon, Brand new key (cover van Melanie) (januari). In de herhaling uitgezonden in DWDD Recordings.

Idiootste marketinguiting

1) Nationale Onderwijstentoonstelling (NOT), Jaarbeurs, Utrecht (januari). Tweejaarlijks onderwijscongres. Oneindige, raamloze hallen; tl-licht; grasgroen en oranje tapijt; tienduizenden onderwijsprofessionals al dan niet met rolkoffertje en van wie sommigen murw en bij gebrek aan zitplaatsen ergens op de grond langs de zijlijn neerzijgen. ’s Ochtends werden in stands achter ons sales yells gehouden, liep er een blauwe Pino door onze ‘straat’ en stond een kerstman zijn bel te luiden (op 25 januari, ja). Vermoedelijk is de hel een eeuwigdurende NOT.
2) U kunt bij ons ook Koe Knuffelen. – Google-zoekresultaat naar bed & breakfasts op het platteland (januari). Los van de schrijfwijze is het zorgelijk dat koeknuffelen een vermeend gewilde activiteit is. Een koe is nog altijd ‘vee’, geen ‘huisdier’.

Mooiste postzegels

PostNL, Rijksmuseum, vel van tien verschillende zegels. Verscheen bij de heropening. Meer kunst op postzegels graag!

Beste eufemisme

‘Waar is hier de sanitairafdeling?’ – gast op kantoor (maart). Volgens geliefde S zeggen alleen mensen die heel nodig moeten kakken zoiets.

Beste reprise

Blowen met vrienden T en W (maart). Onophoudelijk gegiechel, gesprekken zonder clou, het geheugen van een garnaal en robijnrode ogen. Schaamte in de trein naar huis!

Mooiste vreemde woord

1) Angedunkelt. Boekenantiquariaat uit Hamburg over een door de jaren verkleurde rug (maart).
2) iTheft (vriend Y, januari). In Amerika is dit al doodnormaal taalgebruik.

Statistieken

Aantal klachten ingediend bij PostNL: 7, waarvan 6 als verzender en 1 als ontvanger.
Aantal fouten Groot Dictee: 23 (17 spelfouten en 6 niet of te veel onderstreepte stijlfouten)
Gehuild: meer dan twintig keer
Gehuild van het lachen: meer dan tien keer
Dagen ziek: twee
Wildgeplast: één keer

Lees meer over de oudejaarslijsten >>