Oudejaarslijst 2019_Gina_vitrage

2019 was het jaar van de sluier: ik ontmoette een bruidsezelin en keek door een vitrage voor een paleisraam. Alle hoogte- en dieptepunten, van januari tot en met december, tref je hieronder. Veel leesplezier!

Slechtste verhaspeling

Verslaggever Tjerk Gualthérie van Weezel ging voor de Volkskrant langs bij een herdenking voor Brabantse drugsdoden: ‘Dan vraagt Ricky de aanwezigen om “een minuutje stilte te doen om effe onze rouwbetuigenis aan hem af te leggen”.’ ♠ februari

Mooiste vogel

  1. Patrijs. Eindelijk in Nederland gezien, en hoe: fier in de ochtendzon, met kop en borst boven het maaiveld bij Den Helder. ♠ september
  2. Kraanvogel. Ontwaken in de schemering bij een sierlijk trompetteren: in oostelijk Polen landden ze gewoon achter ons huisje. ♠ juli
  3. Kwartel. ‘Dup-du-dup,’ klonk zomaar uit het maïsveld naast ons Poolse zomerhuisje. Dat is alles wat je krijgt van deze soort. Voor het eerst, maar onmiskenbaar. ♠ juli
  4. Wilde zwaan. We moesten drie keer langs de duttende beesten rijden om ze eindelijk eens met de hals uit de veren te zien, maar het was het waard: die bijna gansachtige uitstraling, de eigele snavel. Texel. ♠ oktober
  5. Kleine regenwulp. Deze dwaalgast, die eigenlijk vanuit Siberië naar Zuidoost-Azië moest vliegen maar bij het Noord-Hollandse Kolhorn landde, was waarschijnlijk de eenzaamste vogel van Nederland. ♠ december
  6. Frater. Broze wintergast op de grens van stormachtig land en water, naast de veerboot naar Ameland. Aansluitend lunch in Het Booze Wijf aan het Lauwersmeer. ‘Fraters en kroketten,’ glunderde vriend M. ♠ december
  7. Roze spreeuw. Alle vogelaars naar de vuurtoren! Texel. ♠ oktober
  8. Grote trap. Pardon? Jazeker. De zwaarste vogel in de regio die kan vliegen. Met ‘sieraad’, aldus vriend O: een geringd en gezenderd exemplaar dat onderzoekers van een herintroductieprogramma in Duitsland al twee maanden kwijt bleken te zijn. De lange antenne gaf het dier, in de wei met uitzicht op de kerktoren van Brielle, een haast buitenaardse status. ♠ december

Slechtste rekensom

De nieuwste roman van Michel Houellebecq leidde tot een lastige rekensom: is vijf maal Arnon Grunberg tot de macht twee hetzelfde als Arnon Grunberg tot de macht tien? We hebben er een wiskundige voor nodig, maar het vermoeden luidt: nee. ♠ april

Beste koop

In ons Poolse zomerhuisje ontbrak een fatsoenlijk broodmes. Bij een Aziatische winkel van Sinkel op de grens van Polen en Wit-Rusland kochten we een voorverpakt setje van drie messen met plastic handvatten in schreeuwende kleuren, voor enkele zloty’s. Kan niks wezen? O jawel. Vlijmscherp en stevig, dus inmiddels voor dagelijks gebruik in onze eigen keukenla. ♠ juli

Bijzonderste werkervaring

Wie denkt dat artsen alleen naar Tsjaikovski luisteren, heeft het helemaal mis. Vriendin G zet graag op haar kantoor de koptelefoon op met Menace van de Amerikaanse metalband Five Finger Death Punch. Op het werk voelt ze vaak ‘een soort onrust’, en de brullende opening van dit nummer (‘Húúaaaaooooh’) klinkt als een harde werker die de spanning bestrijdt met agressie. ‘Muziek moet wel stemmingscongruent zijn,’ aldus G. ♠ januari

Beste winst

Olga Tokarczuk_paperback

Ik kocht een Engelse vertaling van een roman van Olga Tokarczuk, ging naar een interview met haar in De Balie en liet het boek signeren. Een halfjaar later won ze de Nobelprijs. ♠ maart

Beste anekdote

De buurvrouw twee verdiepingen boven M, in De Pijp, wierp altijd kipfilets vanaf het balkon (‘Gewoon uit zo’n duopack’) op de bus van de kringloopwinkel die beneden stond geparkeerd, ‘voor de reigers’. De buurman legde ten einde raad een plank op het dak: ‘Deze bus wil niet gevoerd worden.’ ♠ januari

Slechtste timing

Op de kop gescheten door een spreeuwenkolonie, voor de ingang van het stembureau. Stemintentie: Partij voor de Dieren. ♠ maart

Grootste schrik

Om 2.38 uur wakker worden gebeukt door de wastrommel, die na een keurig startuitstel en terwijl het hele huis lag te slapen in een ellipsvormige baan raakte. De hele berging op drift. ♠ december

Beste herontdekking

Bij Het Zwanenmeer door het Nationaal Ballet werd een oude liefde wakker gekust, de Notenkraker & Muizenkoning maakten het af. Eerstgenoemde ervaring kreeg gestalte in een column voor magazine Noorderland als open brief aan mijn balletjuf van vroeger: ‘We hadden mooie zitplaatsen, vooraan in de zaal. En toen ging het doek op. Wat ik zag en hoorde laat zich samenvatten als een parallel universum. Weidse decors. Zwierig live-orkest. Danseressen met golvende armen, dansers met gebeeldhouwde benen. Het schouwspel nodigde uit tot andere omgangsvormen: langgerekte wandelpassen, hoofdknikjes, elkaar aanraken en toch niet.’ ♠ april/december

Mooiste interview

Voor een artikel in magazine Noorderland over de Friese dichter Tsjêbbe Hettinga mocht ik op een winterse zaterdagavond een van zijn vertalers Teake Oppewal bellen, die ruim de tijd nam om vol vuur in te gaan op vers en vorm. Samen bladeren aan de telefoon. ♠ februari

Meest ongepaste moment

  1. Aanbellen bij wildvreemde voor een spontaan interview, antwoord aan de deur: ‘Mijn man ligt op sterven. We zitten nu allemaal om hem heen.’ ♠ mei
  2. Binnenvallen bij vriendin, die met haar ex-vriend in bed blijkt te liggen. Vanwege privacy hier geen initialen. ♠ juni

Beste film

Le semeur_filmposter
  1. Le semeur (regie Marine Francen). In de negentiende eeuw wordt een Frans dorp door het leger van Napoleon III beroofd van zijn mannen. Plattelandsidylle die uiteindelijk gaat over de vraag: wie ben je als mens en als gemeenschap als je je niet meer kunt voortplanten? ♠ juli
  2. Valley of Love (regie Guillaume Nicloux). Een gescheiden koppel – een grootse Gérard Depardieu en Isabelle Huppert – komt weer samen in de Californische hitte na de zelfmoord van hun zoon. Bizar, teder en bovenaards. ♠ augustus
  3. Loulou (regie Maurice Pialat, 1980). Oudje in de reprise in Eye, eveneens met Depardieu en Huppert. De omschrijving op de Cineville-website heeft het over de ‘keurige’ Nelly en ‘proleet’ Loulou. Ontregeling als goede fee, dat lijkt me Depardieus boodschap. ♠ augustus

Beste test

Beacon 1-95, driemaal heen en weer gegaan tussen D (werkzaam bij een postbedrijf) en mijzelf. Een soort tag op een enveloppe in een enveloppe, met geen ander doel dan oplichten in de bedrijfslocaties zodat route en overkomstduur konden worden gemeten. Zeer exclusief, want ik bleek deel te nemen aan de test van een test, wat mooie zinsnedes opleverde als: ‘Het beacon kwam vanacht om 4:51 in rotterdam aan’, ‘Jammer dat de aangegeven zone (blauwe vierkant) zo verkeerd op het gebouw is geplot’, ‘Je mot zo’n gegeven kaart niet in de bek kijken’ en voor de Lord of the Rings-fans: ‘That feeling you get when the beacons are lit’. ♠ maart

Leukste beest

Gina_Sicilie
  1. In Polen scharrelde er bijna elke avond een egel voor de veranda. ♠ juli
  2. Gina. De Siciliaanse ezelin droeg ter gelegenheid van het huwelijk van de zus van geliefde S een sluier. ♠ juni

Beste documentaire

Apollo 11 (regie Todd Douglas Miller). Op de voice-over uitsluitend commentaar van toen en een schat aan nieuwe Nasa-beelden: de eerste maanlanding als kakelvers spektakel. ♠ augustus

Lekkerste drankje

Vuurbaak, Texels speciaalbier. Gebrouwen in de stijl van een red ale. Fris en met een prettig bittere afdronk. En ja, de gedachte aan de vuurtoren van Texel, waaraan dit bier een eerbetoon is, doet het uiteraard nog beter smaken. ♠ oktober

Wildste jungle

De stad Amsterdam op vrijdagavond. Een auto toetert naar een jonge voetganger die door rood loopt en die vervolgens stoïcijns z’n middelvinger opsteekt terwijl hij de pas erin houdt; vijftig meter verderop sjeest een fietser vanaf het Leidseplein zó het Vondelpark in, onderwijl een achteloze maar welgemikte trap verkopend aan een fiets van een jongedame die met een vriendin van rechts komt. ♠ februari

Beste oneliner

B-listing my way to the bar,’ verzuchtte vriend P iets te opgewekt over sociale verplichtingen. ♠ september

Indrukwekkendste begraafplaats

Treblinka_Polen

Een ‘begraafplaats’ kun je Treblinka II nauwelijks noemen, bij wat zich hier heeft afgespeeld. De gruwelen drukken nog tussen de dennenbomen. Alleen een konijn tussen de monumenten bracht een sprankje hoop. ♠ juli

Surreëelste droom

De poes brak een poot, jammerde en sprak. ♠ maart

Mooiste ding

Zamoyski-paleis_Polen_vitrage.JPG

Vitrage voor een raam in het Zamoyski-paleis, Kozlówka, Polen. De vitrage lijdt aan onderwaardering. ♠ augustus

Beste nieuwe gewoonte

Grenskadootje. Zodra je Nederland verlaat, klapt het dashboardkastje open: uitpakken maar! Met dank voor de tip aan vriendin K en vriend D, die zo proberen hun kinderen zoet te houden op de lange weg naar Frankrijk. Voor volwassen passagiers (en chauffeur) evenzeer aan te bevelen. (Zie ook onder ‘Slechtste kado’.) ♠ juli

Beschamendste achteloosheid

‘Oh ja, dát proefschrift,’ peinsde geliefde S, hurkend voor de boekenkast. ‘Dat moet hier ergens staan. Of heb ik het weggegooid?’ ♠ september

Mooiste huis

Hinton Ampner_South Downs_UK

Hinton Ampner, Hampshire, Verenigd Koninkrijk. ‘One man’s vision of perfection,’ zo beschrijft de National Trust als huidige beheerder dit georgiaanse project van de laatste Sherborne-baron. Bij entree merk je het meteen: dit pand biedt knusse luxe, en dat heeft iets te maken met de proporties van de hal en de trap. ♠ mei

Leukste correctie

Vriend R citeerde naar hartenlust de Wochenschau in zijn scriptie voor geschiedenis, maar beheerste het Duits te matig. Samen ingespannen luisteren terwijl R de play- en pauzeknop bediende. Meelezen en corrigeren, terug en controleren. Gelukkig kookte hij een groene curry voor me en werd ik beloond met twee veel te dure cocktails in wat we maar bestempelden tot de hoogste bar van Amsterdam, de SkyLounge in het Hilton naast het Centraal Station. ♠ augustus

Kutste moment

  1. Onderuit gefietst door een Braziliaanse toerist, op de onvolprezen shared space achter Amsterdam Centraal. De val voltrok zich zij- en achterwaarts, terwijl het dak van het station mijn uitzicht binnengleed. Wat volgde was ordinaire commotie op de stoep, waarna ik de toerist moest troosten. ♠ augustus
  2. ‘Uw kies is gebroken, wat betekent dat hij niet meer te redden is,’ luidde de diagnose van de endodontoloog. Het me rood en zwart voor de ogen vanwege het naderende afscheid van een lichaamsdeel en vanwege de hoop euro’s die hetzelfde lichaamsdeel al had opgeslokt in twee wortelkanaalbehandelingen. De behandelperiode had al tot een gewetensvraag geleid: hoeveel geld kan men met goed fatsoen in een kies pompen? Had ik al tegen mijn kies mogen zeggen: wat mij betreft ben je uitbehandeld? ♠ mei

Meest poëtische appje

‘Ik zag net kastanjes vallen,’ begon geliefde S de werkdag. ♠ september

Beste ansichtkaart

Konditorei Escher, Annweiler am Trifels, Pfalz. Afzender vriend P griste deze kaart van de balie bij ‘zijn’ konditorei. Pas bij verzending kwam hij erachter dat de kaart een heel andere bakker betrof. Oftewel, constateerde hij verbaasd: ‘Een konditor deelt gratis kaarten uit van een random andere konditor.’ ♠ april

Mooiste postzegel

Decemberzegels, PostNL. Een varken in een trui, kippen met een lichtsnoer, een wasbeer met een fakkel: geïllustreerde dieren als houvast in de donkerste dagen. ♠ november

Blauwste plek

Deze Sargassozee veranderde langzaam in een zandstorm in de Sahara (zie ‘Kutste moment’, nummer 1). ♠ augustus

Zieligste dier

bebloede knobbelzwaan
  1. Foster. Hadden we hem in januari nog vastgehouden en geaaid, amper twee maanden later later stuurde vriendin G een foto van het konijn op z’n zij in een kuil. ♠ maart
  2. Twee knobbelzwanen doen een paringsdans, een derde dobbert er met bebloede borst naast. ♠ maart

Toepasselijkste naam in beroep

Zoals vrijwel elk jaar met dank aan vriendin R voor de tip: hoogleraar Consumptie en gezonde leefstijl aan de Wageningen Universiteit heet Emely de Vet. ♠ november

Slechtste restaurant

Het Burgemeestershuis, Lommel, België. Na de derde fout denk je: ah, wij zijn die éne tafel. De serveerster kende de kaart niet en raadde een hoofdgerecht af, de drankjes werden vergeten, drankjes bleken niet voorradig, het duurde allemaal veel te lang en uiteindelijk moest de rekening twee keer terug. Koffie van het huis om het goed te maken? Nee hoor, integendeel, de opperserveerster beweerde dat ze het allemaal nog zo goed mogelijk had proberen op te lossen: ‘Ik zou zeggen, kom nog een keer terug!’ Neen, bedankt. ♠ november 

Mooiste muziek

‘Geplokkel’, noemt vriend R de nieuwste plaat van Yann Tiersen. Hoe meer terug naar Amélie, hoe beter, dus ik ben fan van All. ♠ maart

Slechtste kado

Levi Weemoedt, Met enige vertraging. Gekregen van geliefde S, kort nadat ik Pessimisme kun je leren! al had voorgelezen, een bundel die ik dan weer had gekregen van vriendin I, die erbij had gezegd: ‘Ik heb het gevoel dat je het óf al hebt, óf heel kut vindt.’ Dat laatste bleek het geval. En dan nóg zo’n bundel zien door te komen…! Wel leuk: gekregen op de grensovergang Nederland-Duitsland (zie ook onder ‘Beste nieuwe gewoonte’), waarna ik heel hard ‘Nee! Nee! Nee!’ riep terwijl de Swift ons met 120 kilometer per uur voortjoeg. ♠ juli

Grootste verdwazing

Wie is toch die ‘èntigon’? Vriendin M sprak de naam op z’n Engels uit en herkende daardoor het klassieke personage Antigone niet. ♠ maart

Acuutste buikpijn

Notre-Dame in de fik. ♠ april

Beste boek (fictie)

Ik las een tiental romans, slechts twee bezetten de lange termijn:

  1. Caroline Lamarche, De dag van de hond (Le jour du chien, 1996). De Belgische auteur stelde een gelaagde verhalenbundel samen rond diverse figuren die allemaal op dezelfde dag een hond langs de snelweg hebben zien rennen en iets van hun eigen lot erin weerspiegeld zien. Opgedragen aan ‘de hond die op 20 maart 1995 langs de E441 rende’. Met aandacht voor detail en in gedachtenrijke volzinnen leidt Lamarche je door de levens van haar personages, van een vrachtwagenchauffeur tot een dorpspastoor. 
    Want op mijn leeftijd heb je lang genoeg over het 
    Eli, Eli lema sabachtani gemediteerd om te weten dat er op het beslissende moment geen meester is en geen God, zelfs niet de schaduw van een engel zoals aan het begin van het leven, wanneer je Jakob bent die op het punt staat Israël te worden – nee, er is niets, geen hulp in nood, behalve dan een hoopje mensen aan de rand van de weg die op goed geluk en volkomen vergeefs wat staan te roepen.
  2. Tomas Bannerhed, Waar de vogels vliegen (Korparna, 2011). Dit schreef ik erover in een boekenappgroepje: ‘De jonge hoofdpersoon wil het Zweedse boerenland en zijn depressieve vader ontvluchten, de natuur in en met de vogels mee – maar dat gaat natuurlijk niet. Beklemmend en soms een tikje veel van hetzelfde, nu en dan gewelddadig à la Cynan Jones en plots ontroerend in de beschrijvingen van het futiele alledaagse geploeter in het grote geheel der dingen, en van de gedachten van een kind dat zijn vader niet weet te bereiken.’
    Dat waren de telefoondraden die zongen: een zwakke, golvende melodie die kwam en ging, luider en zwakker werd als iets wat door de wind werd meegedragen, wegstierf en terugkwam, ver weg en dichtbij tegelijk, dat hoger en hoger opklom zoals een neuriënd meisjeskoor langgeleden in een kerk. Hoor je dat, vader? Dat ze nu voor ons zingen, voor de varkens en de hazen en jou en mij? Een meisjeskoor in een witgekalkt kerkje lang voordat wij er waren, toen het hele veen nog onder water stond en er geen akkers waren? Dat is het gezang dat nu komt.

Beste boek (non-fictie)

  1. Enid Bagnold, Dagboek zonder data (A Diary Without Dates, 1918/1978). Engelse verpleegster doet verslag van haar werk in een militair hospitaal in Woolwich. Haar schrijfstijl en het beschrevene geven blijk van een originele geest.
    Gisterennacht bedacht ik dat een ziekenzaal boven alles een serene plek is, ondanks de pijn en het bloed en de windsels. Er heersen zwaartekracht en orde en een stille processie van plichten.
  2. Chil Rajchman, Een van de laatsten. Het unieke ooggetuigenverslag van een overlevende van Treblinka (Jiddisch typoscript van de auteur/Franse vertaling 2009). Kort maar krachtig verslag van de binnenste cirkel van de Holocaust. In korte alinea’s weet Rajchman de verschrikkingen samen te vatten met een efficiëntie als die van de vernietiging zelf, en geeft juist daarmee woorden aan het ongelooflijke.
    De SS’er Karl Spetzinger verschijnt en waarschuwt ons, dentisten, dat we goed moeten opletten omdat bijna elk van de Bulgaren valse tanden heeft.
         We weten ons geen raad, want ze hebben inderdaad hele kaken vol valse tanden. Wij moeten die trekken, en de dragers huilen omdat de mensen bijzonder zwaar zijn. De moordenaars raken buiten zinnen omdat de dentisten bijna elk lijk tegenhouden. Ze slaan erop los met de zweep. De chef deelt mee dat we geen eten krijgen als de Scheiße niet om vier uur uit de kamers is geruimd. Die dag werken we voor straf door tussen de middag.
         Een paar minuten na vier is geen spoor meer over van de duizenden jonge, mooie Bulgaarse joden.
  3. Mark van Wonderen, Chin. Ind. Spec. Rest. Een verdwijnend Nederlands fenomeen (2018). Journalist Van Wonderen vulde een fotoboek met Chinese restaurants. Uit mijn recensie voor De Leesclub van Alles: ‘Die aaneengeregen beelden hebben een hypnotiserend effect. Na zo’n honderd pagina’s raak je bijna in trance. Je weet dan wel zo’n beetje wat er komen gaat: nog meer afzichtelijke nieuwbouw uit grofweg de jaren zestig tot negentig van de vorige eeuw, nu en dan een vervreemdende boerderij of woonhuis, druk beplakte ramen en bizarre ornamenten. Maar juist omdat je weet dat het boek een compleet overzicht geeft – dit zijn ze allemaal, álle Chinese restaurants! – blijf je bladeren.’

Irritantste feestdag

Bank Holiday, Verenigd Koninkrijk. Onduidelijk qua data en faciliteiten. Uit mijn reisaantekeningen: ‘’s Avonds pogingen te gaan eten. The Five Bells, Buriton: ‘no food’ wegens Bank Holiday, uitgestorven. The Village Inn: (…) er wordt alleen geserveerd voor gereserveerde tafels en gasten in de herberg. The Good Intent, Petersfield: ook geen food. Dronkenlap aan de toog bemoeit zich met suggesties, overschreeuwd door de barvrouw.’ ♠ mei

Beste kado

Op de grens van slapen en waken kreeg ik een verjaardagskado van geliefde S: een soort maxiformaat bijbel, goud-op-snee, wat voor bijzondere editie mag dit wezen? De rug vermeldde The Second Sex, en toen pas viel het boek open bij de bedoelde pagina, waar achter een vloeiblad een handschrift schemerde. Zo verscheen ze, in persona, aan onze ontbijttafel: Simone de Beauvoir. ♠ oktober

Beste timing

Eén vuurwerkitem uitgezocht en ontstoken, iets met ‘Sylvester’ in de naam. Precies terwijl het de lucht in ging, kwamen de buren even gelukkig nieuwjaar wensen. Van het vuurwerk niks gezien. We geloven echt dat het de groeten van wijlen onze kat Silvester waren. ♠ januari

Leukste grensovergang

Grensovergang_Nederland-Duitsland

Een dagje vogels kijken bij Millingen aan de Rijn en pardoes kreeg het asfalt een andere kleur. ♠ mei

Prettigste schuttingtaal

Locomotrutfantje. Met dank aan Jules Deelder. ♠ december

Beste terminologie

‘Afhankelijkheidsfantasie’. Vriend P had tijdens ons weekendje weg de diagnose snel gesteld: deze mensen willen eigenlijk helemaal geen zelfstandige huisjes verhuren. Voor het minste of geringste heb je de eigenaar weer nodig, want je kunt het niet vinden, het is incompleet of het ontbreekt helemaal. ♠ november

Nooit meer horen in 2020

‘… [vul zelf in] is het nieuwe roken.’ Naast over ‘zitten’ ook al gelezen over ‘reizen’. Onnodig pedant; het hele bestaan is ongezond. Ik stel voor dat iedereen één keer mag roepen: ‘Leven is het nieuwe roken!’ En daarna klep dicht.

Statistieken

Gestemd: 2 keer
Activiteiten gemist door griep: 2
Promoties bijgewoond: 2
Teken uitgetrokken: 1
Zonnewendes gevierd: 1
Bruiloften: 1
Uitvaarten: 0
Bioscoopbezoeken: 17, diep in het rood. Zal ik mijn Cinevillepas opzeggen?

Fijne jaarwisseling!

Dit was de laatste oudejaarslijst. Lees meer over dit fenomeen uit de jaren tien >>