Een bezoek aan de Sint-Nicolaaskerk riep de brandweerlieden in de uitgebrande Notre-Dame in gedachten. Wat is er nodig voor een ontmoeting? Geen liturgische regels, maar het onverwachte.

De brandweer in de uitgebrande Notre-Dame.

In een blikkerende zon stond ik voor de Sint-Nicolaaskerk, wachtend op vriend R. Ik wilde de blikvanger in het centrum van Amsterdam wel eens van binnen zien. Ook zochten we een nieuwe activiteit voor Witte Donderdag; de butler was wel klaar met bedienen. En we zouden een kaars opsteken. Een experiment voor de ziel: kan R. als zelfverklaard misantroop zich openstellen voor mystiek? En hoe zou ik zelf zo’n rituele handeling beleven?

Daags tevoren had ik een kaart van hem ontvangen. ‘Er denderde een trein over mij heen,’ stond er, ‘maar de wissel is omgezet. (…) Ik ben hopeloos verliefd.’ Zo’n bericht mag doorgaans worden toegejuicht, van een misantroop vond ik het vooral verontrustend, ook al bediende hij zich van apocalyptische formuleringen: ‘Een demon heeft bezit van mij genomen.’ Zijn mededelingen had hij neergepend op een ansichtkaart met een illustratie van Parijs versus New York, de ene helft toonde de jeune romance van april, de andere helft de indian summer van september.

Meer lezen